In de Amerikaans-Europese cinema wordt de Arabier geportretteerd als een achterlijke en barbaarse heiden. Voor Hollywood zijn alle Arabieren moslims, en visa versa zijn alle moslims dan ook Arabieren. Enkele uitzonderingen daargelaten wonen er volgens de Westerse filmindustrie geen moslims in Maleisië of Indonesië, noch in Europa of Amerika. De enige moslims in Westerse landen bestaan dan uit immigranten, die hun minderwaardige geloof nog niet achter zich hebben kunnen laten, en daarom eigenlijk gevaarlijk zijn. Ook wordt voor het gemak vergeten dat behalve een moslimmeerderheid het Midden-Oosten ook 15 miljoen Arabische christenen kent.
In Hollywood spreken alle moslims vloeiend Arabisch, roepen ze voortdurend de naam van Allah aan en zijn ze vaak gekleed in een kafeyah (mannen) of gesluierd (vrouwen). Het lijkt een patroon: “They [Arabs] all look alike to me” (The Sheik Steps Out, 1937), “All Arabs look alike to me” (Commando, 1968), “I can’t tell one [Arab[ from another. Wrapped in those bed sheets, they all look the same to me.” (Hostage, 1986). Drie voorbeelden:
Aladdin (1992). In 1992 bracht Disney de tekenfilm Aladdin uit, geïnspireerd op één van de Verhalen van Duizend-en-Eén-Nacht. Aladdin vertelt het overbekende verhaal van een arme jongen die met behulp van een geest-in-de-fles het hart van de sultansdochter veroverd, en en passant de geest ook nog eens zijn vrijheid bezorgd door de laatste van zijn legendarische drie wensen op te opofferen. Het is een klassiek voorbeeld van ‘Arabia’ als exotisch decor . Deze kinderfilm riep veel negatieve reacties op, misschien juist omdat het een kinderfilm is. Het is inderdaad nogal vreemd om een slonzige verteller op een schommelende kameel te horen zingen:
“Oh I come from a land // from a faraway place,
Where the caravan camels roam // where they cut off your ears
If they don’t like your face // it’s barbaric, but hey, it’s home.”
Hoewel ik de kritieken wel begrijp, twijfel is echter of deze wel recht doet aan de feitelijke film. Zo wordt Jasmine juist niet als een onderdanige ‘moslima’ afgebeeld, maar als een moderne, geëmancipeerde vrouw die weet wat ze wil, en dat ook uitvoert. Uiteindelijk redt zij het leven van held Aladdin, een rol die menige vrouw overigens speelt in de verhalen van 1001.
Navy SEALs (1990) borduurt voort op een populaire Hollywoodgedachte van een wereldwijde Islamitische samenzwering gericht tegen het christelijke Westen (zie de parallel met het wereldwijde ‘Joodse complot’). Een elitelegereenheid wordt ingevlogen om enkele Palestijnse terroristen uit te schakelen, die hun Amerikaanse gijzelaars dreigen te executeren. De Palestijnen – verder gedehumaniseerd en gecollectiveerd – worden aangesproken als ‘cheese-dick’, ‘fucker’, ‘rag heads’en ‘scum bags’. Tijdens de aftiteling bedanken de producenten het Amerikaanse Ministerie van Defensie voor hun medewerking aan de film. Dit ‘bedankje’ is echter vals (slechts een gepensioneerde SEAL gaf technisch advies), maar bleef onweersproken van officiële zijde, waarmee de film het aanzien van een ‘geromantiseerde documentaire’ kreeg.
United 93 (2006) is de eerste film die over de terroristische aanslagen op 11 september 2001 handelt. Regisseur/scenarist Paul Greengrass (Bloody Sunday, The Bourne Supremacy) laat er geen misverstand over bestaan voor wie hij de gebeurtenissen op vlucht United Airlines 93 heeft gereconstrueerd. Zonder instemming van de nabestaanden van de slachtoffers – die massaal tegen de kapers in opstand kwamen en verhinderden dat het vliegtuig het Capitool bereikte – was de film er nooit gekomen. Voor alle andere toeschouwers blijft United 93 een relaas zonder sterren, zonder spectaculaire effecten en happy end, en eigenlijk ook zonder mening. Geen politiek standpunt dat in deze alsmaar groeiende chaos aan de orde komt: het enige dat telt is het verschrikkelijke geweld dat wordt aangedaan en ondergaan. Op het moment dat de eerste messentrekkende kaper door een heldhaftige passagier de nek werd omgedraaid, barstte het publiek geregeld los in applaus. Hoewel de film zelf geen eenduidige stereotyperingen laat zien, kan een kijker bijna niet onbevoordeeld toekijken. De gebeurtenissen van ‘9/11’ zijn op zich een stereotype icoon geworden van de gewelddadige islam.
In enkele films komen ‘Arabieren/moslims’ er verrassend goed van af. Vier voorbeelden.
King Richard and the Crusaders (1954) portretteert de Arabische generaal Saladin als een nobel, beschaafd en ridderlijk man. Hij redt in vermomming de gewonde koning Richard Leeuwenhart, en weigert hiervoor elke beloning. Hetzelfde geldt voor de film Kingdom of Heaven (2005), waarin de kruisridders juist als wrede barbaren worden afgeschilderd, terwijl de islamitische strijders als de nobele, edelen strijders als hun beeld vinden.
The Living Daylights (1987) en Rambo III (1988).In de jaren tachtig voerden de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie hun oorlog uit buiten hun eigen territorium, o.a. in Afghanistan. De islamitische extremisten werden in het geheim door de Amerikanen bewapend om tegen de Russische invallers te strijden. Deze ‘monstercoalitie’ van het christelijke Westen en enkele extremistische, islamitische rebellen (de ‘moejahideen’) leidde tot enkele films waarin met waardering over Arabieren/moslims wordt gesproken.
In Rambo III reist acteur Sylvester Stalone naar Afghanistan om zijn mentor uit de klauwen van de Russische invaller te redden. Tijdens het verloop van de film raakt hij bevriend met de islamitische vrijheidsstrijders en leert hij hen zelfs Amerikaanse militaire tactieken aan. Ironisch genoeg gebruiken deze vrijheidsstrijders in onze jaren (als de ‘Taliban’) diezelfde tactieken tegen de Amerikaanse troepen. In deze film worden de moslims geportretteerd als ‘nobele krijgers’, vergelijkbaar met het beeld van de indiaan als ‘edele wilde’.
Hetzelfde geldt voor de James Bond-film Living Daylights (voor een keer gespeeld door Timothy Dalton). Helaas combineert deze film een sympathieke blik op de islamitische vrijheidsstrijders met enkele clichégrapjes. Een stomme Marokkaanse muzikant speelt vreselijk lelijk muziek voor Bond om even later diens portemonnee te stelen. Als de Marokkaanse politie Bond verdacht van een moord achtervolgen zij hem als een stelletje ongeregeld.
Het zal nog geruime tijd duren voordat de stereotype moslim heef afgedaan voor Hollywood en Silicon Valley, waarschijnlijk net zo lang als de cinema erover heeft gedaan zich van andere raciale vooroordelen ten opzichte van de ‘zwarten’ en vooral de ‘joden’ te ontdoen.
Bron: Dit artikel is gepubliceerd op mediareligiecultuur.nl (deel 1 | deel 2).
...
Op alle pagina's is een disclaimer van toepassing. Deze site wordt niet gesponsord, noch door reclame financieel ondersteund.
Overgenomen teksten zijn van de eigenaar van deze site zelf of noemen hem bij name.